Polderbreed Academie

De Polderbreed Academie (ofwel schakelpunt Bodem en Ondergrond Flevoland) heeft als doel de kennispositie van onze decentrale overheden ten aanzien van bodem- en ondergrondvraagstukken te versterken, zodat wij de gezamenlijke verantwoordelijkheid voor een gezond bodem- en watersysteem in Flevoland optimaal kunnen vervullen.

Bodem en ondergrond als fundament voor de ruimtelijke transitie in Flevoland

In Flevoland spelen bodem en ondergrond een sleutelrol in het vormgeven van de grote ruimtelijke opgaven waar de provincie voor staat. Hoewel ze lange tijd relatief onzichtbaar bleven in het beleid, groeit het besef dat een gezonde bodem en een robuuste ondergrond cruciaal zijn voor een toekomstbestendige inrichting van onze jonge polder. Zowel op nationaal als Europees niveau komt steeds meer aandacht voor bodem en ondergrond als sturende factoren in het ruimtelijk beleid. In Nederland krijgt dit onder meer vorm in programma’s als Bodem en Water Sturend en Bodem, Ondergrond en Grondwater, die ontwikkeld worden binnen de kaders van de Nationale Omgevingsvisie (NOVI).

Voor Flevoland, als provincie die volledig kunstmatig is aangelegd op voormalige zeebodem, zijn deze thema’s extra relevant. De unieke bodemopbouw, het hoge grondwaterpeil en het agrarisch ruimtegebruik stellen specifieke eisen aan duurzaam bodembeheer. Tegelijkertijd bieden ze ook kansen voor innovatieve oplossingen, bijvoorbeeld op het gebied van natuurinclusieve landbouw, klimaatadaptatie en duurzame energieopwekking in de ondergrond.

Veel vraagstukken in Flevoland zijn relatief nieuw of vragen om een nieuwe benadering. Denk aan duurzaam bodembeheer op vruchtbare, maar kwetsbare polderbodems, het benutten van de ondergrond voor warmtekoude-opslag, of de aanpak van diffuse verontreiniging door bijvoorbeeld pesticiden of resten van geneesmiddelen. De huidige kaders bieden hiervoor niet altijd voldoende houvast. Dit vraagt om gebiedsspecifieke beleidskeuzes en experimenteerruimte binnen de poldercontext.

Met de komst van de Omgevingswet ligt de verantwoordelijkheid voor bodem en ondergrond bij decentrale overheden. Voor Flevoland betekent dit dat gemeenten en provincie gezamenlijk de taak hebben om nieuwe afwegingskaders te ontwikkelen, passend bij onze lokale situatie. De omvang van de transitieopgave – van woningbouw en landbouwtransitie tot energietransitie en klimaatadaptatie – maakt dat deze keuzes complex zijn. Vaak is er geen blauwdruk voorhanden. Het vraagt om Flevolands maatwerk, samenwerking tussen overheden, kennisinstellingen en gebiedspartijen, en het ontwikkelen van nieuwe werkwijzen.

Binnen onze polders moeten we zelf, stap voor stap, kennis en ervaring opbouwen. Daarbij is er een duidelijke behoefte aan betrouwbare, onafhankelijke en gebiedsgerichte kennis. Alleen zo kunnen we samen vormgeven aan een toekomstbestendig Flevoland, waarin bodem en ondergrond niet langer slechts een fundament zijn, maar een sturende kracht in de ruimtelijke ontwikkeling.